Door: Marie Anne Lassing

Zorgverzekeraar Zilveren Kruis heeft als een van de eerste grote zorgverzekeraars besloten om zorg in te gaan kopen op basis van uitkomsten. Om uitkomsten te kunnen meten moet uiteraard eerst een nulpunt bepaald worden. Dat vraagt om registratie en een andere manier van werken, een uitdaging voor de mensen in het veld die hier mee aan de slag moeten. Careyn Utrecht is een van de geselecteerde organisaties waar Zilveren Kruis de regiefunctie wondzorg nu inkoopt en monitort om met de meetgegevens een nulpunt te bepalen. Het betreft een twee jarige overeenkomst om tot de benodigde cijfers te komen. De zorgverzekeraar verwacht met deze manier van werken eind 2018 over een goede nulmeting te kunnen beschikken. Wat betekent een dergelijke stap voor de werkvloer, de mensen die dit moeten implementeren en uitvoeren? Wij vroegen het Tier Braams, Wondconsulent, gespecialiseerd verpleegkundige wond, stoma en continentie bij Careyn Utrecht.

Criteria voor automatisering
Binnen de financieringsvorm ‘Regiefunctie complexe wondzorg’ speelt rapportage een belangrijke rol. Een registratiesysteem waarin de wond tot in detail kan worden beschreven is daarbij onontbeerlijk. Vanuit het management van Careyn is gekeken naar beschikbare registratiesystemen, waarvan er uiteindelijk twee aan het team zijn voorgelegd.  Tier: ‘een van deze systemen was al kant en klaar, dus daar zouden we zo mee aan de slag kunnen. Nadeel daarvan was wel dat we daar niets meer aan konden veranderen. Bij de keuze die we uiteindelijk hebben gemaakt heeft dit een beslissende rol gespeeld.’ Careyn werkt voor de registratie van de wondzorg met de wondzorg-app van Boomerweb. Of beter gezegd, Careyn werkt samen met de ontwikkelaars van het software bedrijf aan de app. Tier: ‘Deze leverancier was net gestart met de app en stond open voor al onze input. En eigenlijk werken we nog steeds zo. Zo krijgen we maatwerk en kunnen we heel gemakkelijk inspelen op de eisen die de actualiteit stelt aan onze registratie, zoals nu de privacy wetgeving.’

Samenwerking
Uiteraard is het aangaan van een dergelijke samenwerking waarbij nog veel moet worden ingevuld een uitdaging. Tier: ‘vanaf het begin was duidelijk dat er serieus geluisterd werd naar wat wij vertelde, dat zagen en zien we terug in hoe de app zich ontwikkelt. Het is een combinatie van onze kennis van wondbehandeling en hun kennis van geautomatiseerde gegevensverwerking.’ Het inventarisatie proces is begonnen met de basis wond-app van de leverancier, waarop Tier en haar team zijn gaan aanvullen vanuit hun behoefte en werkwijze. Daaruit bleek al snel dat deze basis app niet in alle wensen kon voorzien. Tier: ‘feitelijk zijn ze dus opnieuw begonnen om de aansturing zo in elkaar te zetten dat wij er alles op de juiste manier in kwijt kunnen.’

Aansluiting
Hoe belangrijk dit is, realiseert Tier zich heel goed, zeker ook omdat ze in het huidige patiëntregistratie systeem dat binnen de organisatie wordt gebruikt heel weinig mogelijkheden heeft tot het genereren van statistieken over specifieke patiëntgroepen (hoeveel patiënten met decubitus, hoeveel patiënten binnen een bepaald project, enz.) Er moet heel veel in, maar er komt niet genoeg uit, om het simpel te stellen. En ook de wond-app kan niet putten uit dit systeem, omdat ze beide van een andere leverancier zijn. Binnen de wond-app die nu wordt gebruikt en samen wordt doorontwikkeld kan veel beter gefilterd worden op dit soort behoeften, met een Excel bestand als output.

Implementatie en inzicht
De wond-app is beschikbaar op de smartphone, de tablet en de desktop computer en is per gebruiker beveiligd met een code en bevoegdheden. De wondverpleegkundigen binnen Careyn zijn verantwoordelijk voor de implementatie van deze nieuwe werkwijze en de instructie naar de ruim veertig wijkteams. Daar komt veel bij kijken. Zo zijn er scholingsbijeenkomsten georganiseerd voor de verschillende wijkteams om alle betrokken medewerkers goed voor te bereiden op het werken met de app. Groot voordeel van het werken met een digitaal registratiesysteem is dat het uniform is. Het geeft bovendien ook veel inzicht in de manier van werken en wat dat oplevert en waar er ruimte is voor verbetering. Tier: ‘Goede regie is essentieel, niet alleen als je wondsluiting als einddoel voor ogen hebt. De doelstelling kan ook zijn een infectie binnen een bepaalde tijd te bestrijden, of bijvoorbeeld het oedeem onder controle krijgen of de behandelfrequentie sterk verlagen.’

Het is duidelijk dat de impact van dit soort procesinnovaties veel groter is dan alleen een verbetering van de registratie. Het vraagt veel van de mensen die er mee werken, maar het levert ook iets op. Naar aanleiding van dit traject krijgt Careyn meer inzicht in de zorgprocessen met behulp van de verkregen cijfers in de app. Een vergelijkbaar project dat Careyn in Zuid-Holland met CZ heeft gedaan liet een belangrijke reductie in het materiaalverbruik zien op de curatieve trajecten. Hoe is dat nu in de regio Utrecht?
Tier Braams: ‘We zijn er ook achter gekomen dat de grootte van de wond niets zegt over de duur van het behalen van de verschillende doelstellingen. Daarnaast zien we vooral ook veel wonden waar al langere tijd verschillende behandelingen ingezet zijn, zonder het gewenste succes. Daar zitten ook veel wonden bij waarbij je moet vaststellen dat sluiting niet een haalbare doelstelling is. Maar dat betekent niet dat er geen regie nodig is om de wel te behalen doelstellingen vast te stellen en te halen. Niet sluiten staat niet gelijk aan niet behandelen.’

Heeft u in uw organisatie ook te maken met dergelijke trajecten en wilt u de ervaringen delen met collega’s in het land? Daar is altijd ruimte voor! In een volgende editie besteden we aandacht aan een andere zorginnovatie waarmee een pilot is gedaan: mobiele consulting bij de patiënt thuis, de gecombineerde kracht van de wondexpert en de thuiszorg.

Dit artikel is verschenen in het NTVW.